Even visualiseren:jongensachtige man in T-shirt met mannendecolleté, met een broek die zogenaamd niet duur is, quasi-nonchalante gezichtsbeharing, misschien een petje, een duimring of een mystiek kettinkje om de hals uit Samoa of een andere spirituele locatie. Plaatje compleet? Welnu, dit type man heeft een eigen taal. In deze taal is één woord heel belangrijk en dat is het woord 'ding' - of dat freudiaans is weet ik niet. Om verwarring te voorkomen:ding betekent voor dit soort mannen allang niet meer ''object' of 'meisje'('lekker ding'), want dat is ouderwets. Nee, het ding is groter geworden. Het ding omvat eigenlijk het hele leven. 'Het belangrijkste is gewoon dat ik echt mijn eigen ding doe, weet je', is een heel normale zin voor de jongensachtige man.
Het ding is niet alleen je passie of je favoriete bezigheid. Een ding kan ook vervelend zijn, want er hangt serieusheid omheen. "Ik wil haar ouders best een keer een hand geven, maar om daar helemaal te gaan eten? Dan wordt het echt zo'n, zeg maar ding". 'Ding' kan trouwens ook gebruikt worden om een serieuze mening juist af te zwakken:"Nee ik vind vreemdgaan niet oké, maar dat is mijn ding, hoor''.
Het ding is dus belangrijk, maar gelukkig is het dusdanig vaag dat je er niet echt iets mee zegt, waardoor we allemaal goede vrienden blijven met onze mystieke kettinkjes. Giel Beelen zei een keer bij
De Wereld Draait Door, omdat hij toch iets moest zeggen: "Ja, als Erik de Zwart vroeger op de radio kwam, dat was wel echt een ding, zeg maar".
Een goed ding? Een slecht ding? Het zal wel sfeerverpestend zijn om hier duidelijkheid over te willen, maar dat is dan zeg maar weer mijn ding.
Bron: Boek:"Taal is zeg maar echt mijn ding." - Paulien Cornelisse